Fietsroute: Dwars op de Overlaat - Geffen en Lithoijen

2 uur (24,0 km)

Fietsroute door het gebied van de Beersche Overlaat tussen Geffen en Lithoijen. Deze route voert je langs sporen van de periode van ‘waterellende’, maar ook door een zeer divers en nog open landschap.

Deze fietsroute van 24 km is gebaseerd op een route beschreven door Ruud Verhagen.

Download: plattegrond fietsroute Dwars op de Overlaat

Download: brochure fietsroute Dwars op de Overlaat

Dit ga je zien

Startpunt: Dorpsplein
5386 CL Geffen
1

Maria Magdalenakerk / Kerkmuseum De Peperbus

Kerkstraat 10
5386 AC Geffen
Maria Magdalenakerk / Kerkmuseum De Peperbus
2

Remigiuskerk & museum

Prelaat van den Bergplein 8
5396 PH Lithoijen
Remigiuskerk & museum
3

Het Raadhuis Lithoijen

Prelaat van den Bergplein 2
5396 PH Lithoijen
Het Raadhuis Lithoijen
Eindpunt: Dorpsplein
5386 CL Geffen

Beschrijving

Startpunt: Dorpsplein
5386 CL Geffen

Vanouds was de Maas een grillige rivier. Het wateraanbod varieerde over het jaar, en de vele bochten hinderden een goede doorstroom. In de zomer was de rivier soms doorwaadbaar, in de winter, bij hevige regenval in de Ardennen, kon het water hoog stijgen – zo hoog, dat de dijken het onder de druk begaven. Daardoor dreigden voortduren overstromingen, zowel in Brabant als in Gelderland en zelfs Holland.

In een poging om het overtollige water meer ruimte te bieden verlaagde de overheid de dijk van de linkeroever van de Maas tussen de dorpen Gassel en Linden, in de voormalige gemeente Beers (tussen Cuijk en Grave). Bij hoge waterstand liep de rivier vanzelf over. Men noemde dit de ‘Beersche Overlaat’.

Grote gebieden in Noordoost-Brabant kwamen daardoor ’s winters regelmatig onder water te staan. Zo ontstond er een binnendijkse rivier, die de ‘Beersche Maas’ of ‘Groene rivier’ werd genoemd. De noodbedding van deze Beersche Maas was enkele kilometers breed en ruim 40 kilometer lang, en liep van Beers tot ten noorden van ’s-Hertogenbosch.

De overstromingen zorgden ervoor dat de grond telkens een vers laagje vruchtbare klei kreeg, maar voor landbouw en bewoning werd het gebied ongeschikt. In de droge periode was alleen veeteelt mogelijk en er kon gehooid worden.

De noodoverloop bij Beers werkte lang niet altijd en regelmatig waren er alsnog overstromingen als gevolg van dijkdoorbraken. De overstromingen kwamen tot vlak bij de dorpskernen van wel dertig plaatsen in de Maaskant en het Maasland en bij extreme waterstand overstroomden zelfs ook nog de dorpen. De wateroverlast in de streek was groot.

Om de overlast te beperken werden er in de loop der eeuwen dwarsdijken in de Beersche Maas aangelegd. Deze dijken verdeelden de bedding van de Beersche Maas in kavels. Zij maakten het mogelijk bij matige overstromingen sommige kavels droog te houden, maar gaven geen verdediging tegen extreem hoge waterstanden. De dwarsdijken zorgden daarnaast voor de nodige conflicten; aan de ene zijde wilde men het water wel kwijt, terwijl de andere zijde het juist tegen wilde houden….

Om het water vlotter en gemakkelijker af te voeren werd in 1828 begonnen met het ruimen van hindernissen in het stroomgebied van de Beersche Overlaat, bomen en heggen werden verwijderd (dit project werd op fl. 853.606,55 begroot). Het landschap werd hierdoor uitgesproken onbewoond, boomloos en bestond voornamelijk uit weiland. De enige bouwsels die men er aantrof waren de zogenaamde ‘hutten’. Deze planken bouwwerkjes waren demontabel en werden van het voorjaar tot het najaar bewoond door de ‘hutner’ en zijn gezin. De boeren die in de polder werkten konden er tegen betaling een borrel nuttigen.

In de jaren dertig van de vorige eeuw werd werk gemaakt om de wateroverlast terug te dringen. Tijdens het project ‘Maasverbetering’ of ‘Maaskanalisatie’ werd een groot aantal bochten van de voordien sterk meanderende rivier afgesneden. De Maas werd hierdoor veel beter geschikt voor de scheepvaart en het project voorzag eveneens in een snellere waterafvoer. Als gevolg daarvan kon in 1942 de Beersche Overlaat worden gesloten en werd bewoning van dit gebied weer mogelijk.

Startpunt: Dorpsplein, nabij 5386 CL Geffen (parkeergelegenheid). 

Aan de straatzijde van het plein staat een met mozaïek ingelegde bank, die herinnert aan het bestaan van de gemeente Maasdonk. Voor deze bank langs loopt de levendige Dorpsstraat; sla deze rechtsaf in (gerekend dus met de rug naar het plein). Sla op de driesprong bij de pomp linksaf, Kerkstraat.

De H. Maria Magdalenakerk is het oudste gebouw van Geffen. De robuuste toren werd omstreeks 1450 gebouwd, waarna men aan het imposante gotische schip van de kerk begon.  Het kerkgebouw heeft een hele geschiedenis achter de rug, branden en overstromingen hebben dit kerkgebouw in de loop der tijden geteisterd. Ook was er schade door oorlogshandelingen (zie ook het infopaneel).

In 1893 breidde architect Caspar Franssen de kerk aanzienlijk uit. De houten kapconstructie bleef hierbij voor het grootste deel gespaard. Na de grondige restauratie van 2009-2018 ziet de kerk er weer toekomstbestendig uit. Je zult versteld staan van het indrukwekkende interieur.

Steek het spoor over; neem het halfverharde paadje dat vlak daarachter rechtsaf slaat, Spoorpad. Dit buigt weg van het spoor en maakt daarna een bocht naar links; sla hier linksaf, Spoorpad.

Tot de komst van de spoordijk in 1880 werd Geffen beschermd door een netwerk van dijken en dijkjes. Dit stukje is daarvan een overblijfsel.

Sla aan het eind van het Spoorpad rechtsaf, Broekstraat. Aan het eind maakt deze een bocht naar links, De Gement. Je rijdt nu het gebied van de Beersche Overlaat in. Blijf deze volgen voorbij de kruising, Kruiskampweg. Sla aan het einde linksaf, de drukbereden Gewandeweg. Je passeert een bruggetje. Dit bruggetje voert je over de Hertogswetering. Dit Middeleeuwse afvoerkanaal (mogelijk aangelegd onder Hertog Jan II van Brabant) lijkt later te zijn bestemd als noordgrens van de Beersche overlaat. Opvallend is bijvoorbeeld dat de eendenkooien, met hun zware geboomte, aan de noordzijde zijn blijven staan terwijl die in het zuidelijk gedeelte in de eerste helft van de 19e eeuw zijn verdwenen. Overigens zijn desondanks Lith en Lithoijen niet van het overstromingen verschoond gebleven; in bv. 1920 en 1926 bereikte het water van de Beersche Maas ook deze twee dorpen. Ook de Maasdijk zelf bleef altijd een potentieel zwakke plek, bijvoorbeeld in 1876.

Neem de eerste weg rechts na het bruggetje, Palkenhoefstraat. Bij de bocht naar rechts gaat deze over in de Polderdijk.

Hier, aan de rand van de overlaat, was de openheid van het landschap 200 jaar geleden nog groter dan nu: er stonden geen boerderijen, bomen en heggen. Vanaf dit punt waren maar liefst 21 (!) kerktorens te zien.

Blijf na het kruispunt de weg volgen; Lutterstraat. Je nadert een drukke verkeersweg. De kruising vóór je lag ooit binnen een vestingwerkje: Batterij Logement, ook wel Fort Luttereinde genoemd. In wezen was dit een vrij eenvoudig aarden bouwwerk met gracht; in 1833 werd het aangelegd in de nasleep van de Belgische opstand. Noord-Brabant was immers weer een grensprovincie en men vreesde een Belgische inval. Het werk maakte het deel uit van de Zuidwaterlinie. De Beersche Maas zou hierbij dienst kunnen hebben doen als inundatie. Bij de verdedigingsstelling hoorden twee lunetten (Fra. ‘maantje’); een lunet is een halvemaanvormige versterking waarvan de ‘punt’ naar de vijand is gericht, de achterzijde is open. Deze lunetten lagen langs de Tiendweg; zij zijn inmiddels spoorloos verdwenen.

Sla de zijstraat links in voor de verkeersweg; Batterijstraat. Blijf deze onderlangs de dijk volgen tot je uitkomt op een samenkomst van vier wegen. Sla hier scherp rechtsaf, de dijk op (Steegeindstraat); ga bovenaan de dijk scherp links, Lithoijense Dijk.

Aan je rechterkant zie je de dode Maasarm. In de jaren dertig van de vorige eeuw vonden er werkzaamheden plaats om waterbeheersing van de rivier de Maas te verbeteren. Een van de onderdelen was het verminderen van het aantal bochten in de rivier. Hierdoor ontstonden ‘dode maasarmen’, stukken rivier die veelal nog aan de stroomafwaartse kant met de rivier in verbinding stonden, maar waarin het water niet meer stroomde. Inmiddels is de dode arm in 2016 in het kader van het project ‘Ruimte voor de rivier’ waar met de Maas verbonden, waardoor zowel de waterbergende capaciteit als de natuurwaarde sterk is verhoogd. Overigens behoorde het gebied aan de ‘binnenkant’ van de bocht, de Alphense Waard, nog tot 1958 tot de provincie Gelderland.

Verlaat bij de eerste weg linksaf de dijk, Prelaat van den Bergplein. De Sint-Remigiuskerk uit 1901, ontworpen door Caspar Franssen, is een neogotische kerk. De altaren en de preekstoel zijn werken van Hendrik van der Geld en de glas-in-loodramen zijn van Joep Nicolas. De kerk is in bakstenen opgetrokken, het schip heeft gemetselde gewelven. De zijgevel en apsis zijn voorzien van spitsboogvensters met glas-in-loodramen. In de kerk zijn enkele beelden aanwezig van beeldhouwer Jan Custers. De kerk is in 2012 grondig gerestaureerd. 

Het voormalig klooster van de Zusters van Jezus Maria Jozef (J.M.J.) uit ‘s-Hertogenbosch dateert van 1884. Tot 1949 was er een kostschool voor meisjes (schipperskinderen), terwijl er ook een lagere meisjesschool was en er bejaarden werden verzorgd. Later kwamen hier de Zusters Penitenten die er hun klooster Jerusalem hadden en er een kapel aanbouwden. Van 1960 tot 1972 werd het gebouw door Philips gebruikt voor de fabricage van TL-verlichting, waarna het een woon- en winkelbestemming kreeg.

Aan het eind van het plein het voormalig raadhuis uit 1906, buiten gebruik geraakt in 1939 toen Lithoijen bij de gemeente Lith werd gevoegd. Vanaf 1944 in gebruik als woning; thans horecagelegenheid.

Ga links langs het Raadhuis, je komt in de Dorpsstraat. Houd op de splitsing rechts aan, Schutstraat. Sla voorbij het bruggetje linksaf, Weisestraat. Aan de rechterkant een boerderij op forse terp; een teken dat men ook hier met overstromingen rekening hield.

Blijf de Weisestraat volgen tot de kruising met de drukke Gewandeweg. Tot in de jaren ‘50 stonden her en der in de polder van het voorjaar tot het najaar ‘hutten’. Deze tijdelijke cafeetjes waren uit planken opgetrokken en stonden op plekken waar men een bruggetje over moest. Tot voor kort was in het pand links Café Zaal ‘De Leeuwerik’ gevestigd, een overblijfsel van de voormalige Lithoijense hut, die wat verder naar het zuiden aan de Hertogswetering stond.

Blijf de Weisestraat volgen; na het bruggetje over de Hertogswetering Kepkensdonk. Je bent weer terug in de eigenlijke overlaat. Na een kleine kilometer gaat de weg wat omhoog, dit is een overblijfsel van de voormalige dwarsdijk. Om de overlast van de overstromingen te beperken werden in het stroomgebied van de Beerse Overlaat dwarsdijken gebouwd. Zo kon men stroomafwaarts droge voeten houden. Dit leverde talloze ruzies op, de dijken werden doorgestoken om het water te lozen, terwijl anderen dit wilden verhinderen….

Vlak voorbij de hoogspanningsleiding maakt de weg een bocht; sla hier rechtsaf, Polderweg. Sla op de kruising rechtsaf, Donkenweg. Na en bocht naar links kom je uit op een T-kruising; sla hier linksaf, Kerkdijk. Verderop maakt de weg een bocht naar links; een ‘uitritconstructie’ leidt rechtdoor naar de spoorwegovergang. Sla hier linksaf, Nulandsestraat.

Op deze hoek stond vroeger, op een uitloper van de hogere zandgronden, een kerkje, de Polderkerk. Helaas werd het toch steeds door het water bedreigd, en in 1857 moest het gebouwtje alsnog worden opgegeven. In 2006 is de omtrek weer zichtbaar gemaakt. Zie verder de beide informatiepanelen.

Volg de Nulandsestraat tot de kruising. Langs de straat staan een aantal boerderijen, de oudere exemplaren veelal op een duidelijke bult. De vrijwel jaarlijkse overstromingen noopten tot deze oplossing. In deze streek worden deze terpen ‘donken’ genoemd.

Sla op de kruising linksaf, Kepkensdonk, en vervolgens de eerste straat rechts, De Elst. Ook in deze straat meerdere boerderijen op donken. Het exemplaar direct links aan het begin van de straat staat op een wel bijzonder indrukwekkende verhoging.

Verderop, in de bocht, staat links een schutskooi. In vroeger tijden waren er vele boeren die hun percelen nogal provisorisch hadden omheind. Er bestond geen prikkeldraad of ijzerdraad,  enkel sloten, (doorn)heggen en houtwallen. Het gebeurde dus vaak dat vee uit de omheining brak en op de openbare weg belandde. Daarvoor richtte gemeenten vaak een omheinde kooi in waarin losgebroken, loslopend of verdwaald vee kon worden opgevangen. Tegen betaling kon de eigenaar het dier ophalen.

Sla aan het eind van de Elst linksaf, Broekstraat. Steek het spoor over en sla bij de kerk rechtsaf, Molenstraat. Ga aan het eind, bij het bord ‘doodlopende weg’, linksaf, Van Coothstraat. Sla in de bocht met het rode asfalt linksaf, Vlijmdstraat. Aan je rechterhand zie je een vijver liggen.

Op oude kaarten is het dijkje te zien dat het lager gelegen gebied tussen Geffen en Nuland (de ‘Polder van den Lagen Kant’) omringde. Een doorbraak in 1876 deed het wiel ontstaan dat je hier ziet liggen: een kolk die, door de ronddraaiende beweging waaraan het zijn naam dankt, wel 10 meter diep kon zijn. Bij het herstel van de dijk kwam het wiel aan de buitenkant te liggen. Inmiddels is het wiel omgevormd tot dorpsvijver.

Sla op de kruising linksaf, Dorpsstraat, om terug te komen bij het uitgangspunt.

Horeca onderweg: In Lithoijen aan het Prelaat vd Bergplein (niet alle dagen geopend); in het centrum van Geffen vele gelegenheden.

Eindpunt: Dorpsplein
5386 CL Geffen