Winterfietsen met pannenkoeken to go toe

Ik fiets vooral op de weg en veel te weinig in de bossen, maar vandaag is zo’n dag dat ik de Maasdijken verruil voor bospaden. Met 4 graden, grijze bewolking en een oostenwindje voelt het al winters aan. Een goeie dag voor de mountainbike. Dus: winterfietskleren aan, ketting gesmeerd, banden op spanning en gaan. Op naar de bossen van De Maashorst!

 

Hier ken ik vijf perfect uitgestippelde routes: die van Herperduin, Uden, Loosbroek, Reek en de Schaijkse Heide. Allemaal op De Maashorst en onderling verbonden. Paaltjes met het mtb-teken leiden me langs de mooiste plekken van het natuurgebied. Het ene moment trap ik lekker door de bossen. Het andere moment ben ik op een open vlakte en fiets langs een heideveld of ven. Variatie te over.

Een met de natuur

Die afwisseling blijkt als ik vandaag kies voor de Herperduinroute, die ik dit keer start bij het parkeerterrein van Hoessenbosch. Het voelt als kinderlijk spelen op de fiets als ik over de smalle, platgereden paden van de eerste heuvelruggen mijn bochtjes draai. Kenners noemen het een ‘single track’, zo’n slingerend, maar vloeiend lopend pad. Dat het rode-paaltjes-rondje er een is voor gevorderden, merk ik bij het nemen van de steile klimmetjes en afdalingen. Deze senior-amateur weet zich desondanks aardig te redden: op tijd een voet aan de grond, hand aan de rem en het is prima te doen. Een voordeel van mijn mindere talent: met mijn snelheid schiet het mooie landschap nooit snel voorbij, waardoor ik extra geniet en volledig opga in de natuur.

Crossen over zand, duin en heide

Juist in deze tijd is het fijn en heel belangrijk om zoveel mogelijk buiten actief te zijn. Dan ben je wandelend of fietsend over De Maashorst op een beste plek. Als ik even stop bij de uitkijktoren, kijk ik vanaf een bankje over de glooiende zandvlakten en duinen van Herperduin. Ik bedenk me dat wielerhelden als Gert-Jan Theunisse en Bart Brentjens hier hun winterse trainingsrondjes reden. Met die twee in het hoofd gaat het daarna een stuk sneller over paden die kronkelen tussen bomen en varens. Bij het Ganzenven rij ik nog langs een grote kudde schapen, kalm grazend over de heide. Daar komt voor mij intussen de finish in zicht.

Pan en Zo To-Go

Na het rondje en 14 km op de teller ben ik weer terug bij Hoessenbosch. Ik besluit voor een koffie to go nog even door te rijden naar restaurant Pan&Zo, hier vlakbij aan de bosrand. Het is er buiten bij de sfeervolle mobiele keuken gezellig met wat wandelaars, die coronaproof hun drankje of hapje nemen. Ik zie dat de huisgemaakte erwtensoep, warme chocolademelk en crêpes favoriet zijn in deze winterse sfeer. De keuze op de menukaart is veel en veel groter.

Ik kies voor pannenkoeken, want dat eten echte wielrenners ook. ‘Doe mij maar die met appel, rozijnen en kaneel.’ Terwijl ik m’n koffie drink, zie ik het personeel vriendelijk in de weer om het passanten en afhalers naar de zin te maken. Het pannenkoekenrestaurant is een ideaal rust- en afhaalpunt in deze tijden.

    Hoe ik die reuze pannenkoeken meeneem op de mountainbike? Nou, daar weten ze bij Pan&Zo wel raad mee. Opgerold en keurig verpakt in folie en karton krijg ik ze mee in m’n rugtasje. Geen half werk daar. Onderweg naar huis – ik voel de warme rollen op de rug – neem ik me voor dit snel weer te doen: winterfietsen op De Maashorst met pannenkoeken toe. Mooier wordt het niet.

    En, o ja, aardige mensen van Pan&Zo: ze waren overheerlijk!

    Goed om te weten